Hoogsensitieve personen

Durven we nog verliefd worden?

 

Verliefdheid oftewel ‘de fraaiste bijzaak ter wereld’ dreigt anno 2013 op een zijspoor gezet te worden. We houden er niet meer van om de controle te verliezen. Want wat als je vurige vlam helemaal niet blijkt te passen in het leven dat je voor jezelf hebt uitgestippeld? Laat dus maar zitten, is het stoere antwoord. Maar menen we dat?
Het is niet te voorspellen of te verklaren wanneer en voor wie je in katzwijm zal vallen. En dat is een probleem. Er spelen twee grote tendensen. Een eerste is dat het aantal mogelijke partners enorm is toegenomen, onder meer door globale communicatiekanalen en internet daten. Terwijl je vroeger met iemand trouwde van hooguit één dorp verderop kan je nu wereldwijd op zoek naar de ware. Ik vind het persoonlijk wonderlijk dat je verliefd kan worden op een virtuele identiteit, maar dat geheel terzijde. Het gaat erover dat het moeilijk kiezen wordt. Heb je nu wel de goeie vast?’ Een tweede trend heeft te maken met de individualisering van de samenleving. ‘Mensen willen vandaag hun eigen leven vervullen, niet dat van iemand anders’. Dat betekent dat je minder snel compromissen gaat sluiten, dat je niet alles op het spel wilt zetten voor een ander. En dat valt moeilijk te rijmen met verliefdheid. Je kiest immers niet voor wie je in vuur en vlam staat, het overvalt je.’ In het Frans spreken ze niet voor niets van la folie, of in het Nederlands: ik ben gek op jou. Experimenteel psycholoog Jack Van Honck, verbonden aan de universiteit van Utrecht, maakt de vergelijking tussen verliefdheid en psychose. Pure zinsverbijstering is het. Je denkt niet meer, behalve aan het onderwerp van je bevlieging. Je doet allerlei dingen verkeerd. Het kan fysiek pijn doen om niet bij haar of hem te zijn. In een periode van verliefdheid heb je geen enkele controle meer over je leven. En daar ligt het pijnpunt: controle. We hebben vandaag geen zin in controleverlies. Er moeten carrières nagestreefd worden, reizen gemaakt en levens opgebouwd. Jonge mensen willen volgens mij nog wel verliefd worden, maar het moet meteen op de juiste zijn. Behalve die categorie is er ook een groep veertigers en vijftigers die het moeilijk heeft met verliefdheid. Vrouwen en mannen die een lange relatie achter de rug hebben en een pijnlijke scheiding. Voor wie het niet meer hoeft, behalve als het de perfecte partner zou zijn. We willen het dus wel, en toch weer niet.
Als niet in het huwelijk – wegens tot voor kort een eerder economische aangelegenheid – dan wel in buitenechtelijke affaires. ‘Het ideaal van trouwen uit verliefdheid dateert uit de vroegmoderne tijd’. ‘Uit reactie op het liefdeloze huwelijk van de generaties voor hen maakten de romantici passionele verliefdheid tot voor-waarde voor een relatie. Het gevoel krijgt bij hen een bijna goddelijke functie.’ Het is die visie die de tand des tijds heeft doorstaan en vandaag zowat overal terugkomt. Van kleins af aan krijgen we dat ideaalbeeld ingelepeld via tv-series, muziek, film en boeken. Pocahontas en kapitein John Smith, de kleine zeemeermin en haar prins, Mega Mindy en Toby. Voor jongeren vandaag is verliefdheid nog altijd de basis voor een relatie. Gevraagd naar hun ideale levensloop antwoordden jongeren in 2010 dat ze op hun vierentwintigste willen samenwonen, om rond hun dertigste gehuwd te zijn – en daarbij hoort ook een huis en een eerste kind. ‘Bij veel mensen leeft het idee dat een goede relatie betekent: eeuwige verliefdheid, spanning en aantrekking’. ‘Dat blijkt maar zo te zijn bij tien procent van de koppels. Voor alle andere is het vooral een hele mooie start van een relatie.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *